4
October
2021

Kinderartsen meer bekend met probiotica dan huisartsen

Kennis over probiotica is van invloed op voorschrijfgedrag.

Pamela Browne M.D. kwam er tijdens haar studie geneeskunde achter dat zij meer wilde weten over hoe de psyche en het lichaam elkaar beïnvloeden via de zogenaamde lichaam-herseninteractie. In september 2020 promoveerde zij op het onderwerp Exploring the mind-body interaction: a biopsychosocial model for pregnant women and children aan de VU in Amsterdam.

Microbiota belangrijke schakel tussen hoofd en lichaam

Een belangrijke schakel in de relatie tussen hoofd en lichaam zijn de darmbacteriën. Haar promotietraject aan de VU Amsterdam (i.s.m. Radboud Universiteit Nijmegen, AMC en Winclove) richtte zich de afgelopen jaren daarom op de microbiota in relatie tot ziekte en gezondheid, en welke rol probiotica hierin kan spelen. De focus lag daarbij onder andere op de rol van de psyche-lichaam interactie bij functionele buikpijn in kinderen. Daarnaast komen ook de behandelmogelijkheden, waaronder probiotica, voor deze klachten aan bod in haar proefschrift.

Artsen adviseren steeds vaker probiotica bij functionele buikklachten

De interesse voor probiotica bij functionele buikklachten bij kinderen, is de laatste jaren toegenomen, zowel onder patiënten, als onder artsen. Als onderdeel van haar proefschrift heeft dr. Browne onderzocht wat de kennis van kinderartsen en huisartsen is over probiotica en in hoeverre ze probiotica adviseren aan kinderen met functionele buikklachten. Het onderzoek onder 319 kinderartsen en 67 huisartsen liet zien dat de kinderartsen meer bekend waren met probiotica (71% vs. 48%), en dit ook vaker adviseren aan hun patiënten dan dat huisartsen dat doen (54% vs. 25%).

Vraag van (ouders van) de patiënt van invloed op adviseren probiotica

De belangrijkste reden voor beide type artsen om probiotica te adviseren was het verzoek van de patiënt (en hun ouders) om dit te proberen. Huisartsen adviseren probiotica daarnaast ook omdat collega’s het adviseren of omdat andere therapieën onvoldoende werken. Andere redenen voor kinderartsen om probiotica te adviseren zijn: dat zij eerdere positieve ervaring met probiotica hebben en het volgen van de richtlijnen.

Gebrek aan kennis voornaamste reden voor niet voorschrijven

De voornaamste reden voor artsen die geen probiotica adviseerden is dat zij persoonlijk onvoldoende kennis hebben over probiotica. Het argument dat er onvoldoende bewijs is, wordt ook genoemd, maar is overstegen door gebrek aan eigen kennis hierover. Dit sluit aan bij het onderzoek dat door Vera van Schie is uitgevoerd, waarin ook is teruggekoppeld dat artsen onvoldoende in aanraking komen met de kennis die er over probiotica is. [link naar onderzoek Vera op Probioticanieuws]

Keuze probiotica mede bepaald door kennis patiënt

Er is ook onderzocht welke probiotica artsen adviseren en waarom. Daaruit kwam naar voren dat artsen een grote variëteit aan producten adviseren. Dit kan deels verklaard worden doordat de vraag om probiotica vooral afkomstig is van de (ouders van de) patiënt. Eerdere studies hebben laten zien dat patiënten in aanraking komen met probiotica via internet, advertenties, familie of vrienden en dat zij op die manier ook in aanraking komen met veel verschillende producten.

Artsen hebben meer kennis nodig over probiotica bij functionele buikklachten

Uit het proefschrift van dr. Browne wordt tenslotte ook duidelijk dat er steeds meer vraag is naar het inzetten van probiotica bij functionele buikklachten, en dat artsen daar in de basis positief op reageren. Wel is meer kennis over probiotica ter behandeling van functionele buikklachten nodig onder kinderartsen en huisartsen om de patiënten van een zo goed mogelijk advies te voorzien.

Het proefschrift van Pamela Browne is hier te vinden.

27
November
2021

probiotica